Siertuin
Filter
- ✔ Ruim twintig meststoffen per plantengroep
- ✔ Organisch, dus geen risico op verbranding
- ✔ Werkt honderd dagen na een keer strooien
- ✔ Veilig voor huisdieren en kinderen
- ✔ Snel in huis, binnen 1 tot 3 werkdagen
In de siertuin werkt bemesten anders dan op het gazon. Op het gazon staat één gewas en volstaat één mest. In een border staan tien soorten door elkaar, en die willen niet allemaal hetzelfde. Een hortensia vraagt een andere verhouding dan een buxus, en een lavendel wil eigenlijk bijna niets. Daarom vind je hier geen universele zak, maar plantvoeding per groep.
Waarom per plantengroep?
Het verschil zit in twee dingen: de NPK-verhouding en de zuurgraad. Een plant die je om zijn blad houdt, zoals taxus of buxus, wil relatief veel stikstof. Een plant die je om zijn bloei houdt, zoals een roos of een geranium, wil juist meer fosfor en kalium. En een zuurminnende plant als een rododendron of een azalea neemt zijn voeding alleen op als de pH laag genoeg is, dus daar hoort een verzurende mest bij.
Met één universele mest krijgt de helft van je border te veel stikstof en de andere helft te weinig kalium. Dat merk je niet direct, maar wel na een paar jaar: veel blad, weinig bloei, en planten die slap in de winter gaan.
Wat we per groep hebben
- Rozen en bloeiende planten. Meststof met extra kalium voor stevige stelen en een lange bloei. Hoe je het aanpakt staat in onze blog over rozen bemesten.
- Hortensia, rododendron en azalea. Verzurende voeding, en voor blauwe hortensias een aparte blauwmaker op basis van aluin. Zie ook onze blog over welke planten zuurminnend zijn.
- Hagen: buxus, taxus, ilex en coniferen. Stikstofrijke mest voor dicht en donkergroen blad.
- Lavendel en mediterrane planten. Juist een magere voeding. Te veel stikstof geeft slappe, geile groei en minder geur. Zie onze blog over welke mest voor lavendel.
- Siergrassen en bamboe. Een mest die niet te snel werkt, zodat de pluimen stevig blijven staan.
- Clematis, klimop en bodembedekkers. Voeding voor planten die veel lengte moeten maken.
- Olijven, vijgen en citrus. Kalkhoudende voeding, aangepast aan kuipplanten in mediterrane potgrond.
Wanneer strooien?
De hoofdgift gaat in maart of april, zodra de grond boven de tien graden komt en de plant begint te werken. Bij sterk groeiende planten kun je in juni een tweede keer strooien. Na half juli stop je met stikstof in de volle grond: de plant moet zijn hout laten verharden voor de winter, en verse groei bevriest.
Strooi de korrels rond de plant tot net buiten de kroonrand, hark ze licht in en geef water. Organische mest heeft vocht en bodemleven nodig om te werken, dus op een kurkdroge bodem gebeurt er niets.
Waarom organisch?
Bijna alles in deze categorie is organisch. Dat betekent dat de voeding gebonden zit in plantaardig of dierlijk materiaal, en pas vrijkomt als het bodemleven het afbreekt. Dat werkt langzamer, maar er zijn drie voordelen: je kunt niet verbranden, de werking houdt honderd dagen aan in plaats van drie weken, en je voedt onderweg ook je bodem. Het verschil met kunstmest staat in onze blog over kunstmest of organische mest.
Eerst de bodem
Bemesten werkt alleen als je bodem de voeding vast kan houden. Op zandgrond spoelt hij weg, op zware klei komt hij niet bij de wortels. Kijk in dat geval eerst bij onze bodemverbeteraars en bij lavameel. Voor de zuurminnende hoek is er een eigen categorie: zuurminnende planten.